Logo koningskamer  


Een Zoektocht Naar De Oudste Beschavingen.


 
WWW.DJEDFORCE.NET
 
  Home
 

30 - De Koningskamer.

Is de koningskamer de grote cilinder van een hydraulische pers?

Eerste versie 10 juli 2009.
Bijgewerkt 05 juli 2010.

In het vorige hoofdstuk waren we tot de veronderstelling gekomen dat er in Cheops’ piramide een immens grote hydraulische pers zit. We denken dat we toch al de kleine cilinder van dat systeem hebben ontdekt, nu is het uiteraard zoeken naar de grote cilinder ervan.

 

Voorstelling van een hydraulische pers?
Foto Erich von Däniken [1] - © Picture May be Copyrighted.


We zijn hier nogmaals met deze foto, we hebben er trachten mee aan te tonen dat de Oud Egyptenaren wel degelijk weet hadden van hydraulische systemen met twee cilinders (Djed’s). Dit sloeg enkel op de linkerkant van deze foto, de rechter helft is zowat een openbaring op zichzelf. Het is lang niet zeker dat de interpretatie die nu volgt enige waarheid bevat maar heeft ons wel op goede ideeën gebracht.

We denken dat dit reliëf niet kan gelezen worden als hiërogliefen en eerder moet geïnterpreteerd worden als zijnde een voorstelling van een begrip of zelfs een handeling, het is alsof men een rebus moet ontrafelen. Indien we de rechterkant nader bekijken, met de gedachte aan een hydraulisch systeem in het achterhoofd, dan is dit volgens ons als het ware de dynamische voorstelling van een hydraulische pers.

De rechtse figuur zit gehurkt bovenop een kruik, die kruik kan een voorstelling zijn van een hoeveelheid water en het geheel, figuur plus kruik, kan de betekenis hebben van de kleine cilinder. Een persoon staat voor kracht en beweging, indien de rechtse figuur zijn benen strekt dan duwt hij op het water (de waterkruik). Hij oefent druk uit op het water, net zoals een zuiger dat doet in een cilinder. Niet toevallig zit de linkse figuur geknield met een voorwerp in de handen dat best een (water)hevel zou kunnen voorstellen. De figuur aan de linkerkant zit als het ware klaar om het water uit de waterkruik te ontvangen, als hij de druk van het water overgeheveld krijgt dan zal hij zich mogelijks oprichten. In dat geval zal deze figuur het voorwerp boven zijn hoofd naar omhoog duwen. Dat voorwerp lijkt sterk op een kroon en we gaan ervan uit dat het er ook een is. De beweging zit er alvast in, dit zou dus best de voorstelling van een hydraulische pers kunnen zijn. Dat die figuur nu juist een kroon naar omhoog duwt, daarvan was de betekenis niet meteen duidelijk.

[2] - In zijn boek “Het ontstaan en het einde van alles” verwijst Graham Hancock naar I.E.S Edwards in verband met de teksten die gevonden werden in de ruimten boven de koningskamer. Hancock citeert uit het Engelstalig boek “The Pyramids of Egypt, Penguin books, London 1949. [3] In de Nederlandstalige versie van dit boek vinden we daarvan niets terug maar we gaan ervan uit dat hetgeen Graham Hancock in zijn werk heeft overgenomen correct is.


Hancock: “De merktekens, gevonden op de muren en plafonds van de vier bovenste ruimten, betekenden o.a.:”

De werklui-ploeg, hoe sterk is de witte kroon van Chnoem-Choefoe
Choefoe
Choefoe
Chnoem Choefoe
Het jaar zeventien
 (Edwards p. 211-212).


De teksten in de ruimte boven de koningskamer zijn omstreden, vooral als het om de naam Choefoe gaat. Volgens Sitchin zou Vyse zelf die tekens hebben aangebracht, dit werd dan weer al meerdere malen weerlegd. Het zou dus toch om originele tekens gaan die er tijdens de bouw van de piramide met rode oker werden aangebracht. Wijzelf zijn eveneens van mening dat de teksten origineel zijn. Het kan bijna niet dat Vyse de eerste zin zelf zou hebben geschreven, had hij die tekst begrepen dan was de piramide wellicht reeds lang geleden geopend.

De werklieden konden met moeite het geheim van de piramide verzwijgen, in de ruimten boven de koningskamer konden ze zich eens uitleven omdat geen mens dit ooit zou te zien krijgen. Dat dachten ze althans, Vyse heeft echter het tegendeel bewezen en door de drang om de piramide te doorgronden werd die dan ook langs alle kanten opengebroken, zelfs met grove middelen zoals buskruit.

Op bovenstaand reliëf, wat vermoedelijk de voorstelling is van een hydraulische pers, duwt een figuur een “witte” kroon naar omhoog. In de piramide, in een van de ruimten boven de koningskamer, schrijven de werklui de zin “ hoe sterk is de witte kroon van Cheops?”. Dat kan toch geen toeval zijn! Het symbool van Neder-Egypte was weliswaar de rode kroon, de koningskamer en de steenlagen daarboven zijn rood tot chocoladebruin en dus zou men al vlug gaan denken dat de rode kroon hier beter op zijn plaats zou zijn. Het kleur mag dan wel fout zijn, het zal waarschijnlijk meer met de vorm te maken gehad hebben. Met “witte kroon” werd vast het geheel van de koningkamer en de steenlagen daarboven bedoeld, deze vorm lijkt inderdaad, met wat goede wil, het best op de witte kroon van Boven–Egypte en vertoont in het geheel geen gelijkenis met de rode kroon.


Egyptische kronen (Wikipedia): http://nl.wikipedia.org/wiki/Egyptische_kronen

 

De witte kroon van Cheops?
De witte kroon van Cheops?
 Tekening Petrie
[5] – Tekening versie A


De koningskamer in het midden van de piramide met daarboven die steenlagen zien er inderdaad uit als een kroon. Maar, wat hebben we nu ontdekt? Is de koningskamer nu echt de zuiger in de grote cilinder? Onmogelijk? …. Of toch niet? Het moet in ieder geval de moeite lonen dit eens nader te bekijken, een beetje rekenwerk zal ons vlug duidelijk maken of we al dan niet op het goede spoor zitten.

 

Granietmuren omheen de koningskamer
De koningskamer, in bovenaanzicht (doorsnede).

De koningskamer meet aan de binnenkant 10 bij 20 cubit, de dikte van de granietwanden is niet zo eenvoudig te bepalen en tot op heden hebben we nog geen eenduidige maatgeving gevonden. Op de meeste tekeningen is een muurdikte terug te vinden van 3 à 3,28 cubit.

Home

Dikte van de granietwanden
Dikte van de granietwanden in de koningskamer is 172 cm.
CAD tekening door Rudolf Gantenbrink.
© Copyrighted Rudolf Gantenbrink.
zie ook www.cheops.org

Op de CAD tekening van Rudolf Gantenbrink staat de zuidelijke muur aangegeven met een dikte van zo’n 172 cm, dit valt af te lezen op de maatschaal van de zuidelijke luchtschacht en dit komt ongeveer overeen met 3,25 cubit (170,17 cm) of beter nog met 3 cubit + 2 palmen (3 cubit 2/7 = 3,286 cubit = 172,04 cm). Voor de eenvoud gaan we voor verdere berekeningen de dikte van de granietblokken op 3,25 cubit nemen.

In de noordelijke wand van de koningskamer wordt de ingang gevormd door een groot blok graniet met een dikte van 5 cubit, volgens sommige bronnen zou het gaan om één enorme monoliet waarin een uitsparing zit die dient als ingang tot de koningskamer. De noordelijke luchtschacht gaat over dezelfde afstand horizontaal door dat granietblok. Het is enkel die monoliet die 5 cubit meet, de muren erom heen hebben eveneens een dikte van 3,25 cubit. Daarom nemen we voor alle muren van de koningskamer diezelfde dikte aan, dit is volgens ons de correcte waarde. De ingang tot de koningskamer wordt in een later hoofdstuk nog besproken.

[4] – In hun boek “De piramiden van Egypte” schrijven Bob Tadema Sporry & Auke A. Tadema (pagina 131): “Buiten de granieten muren van de grafkamer staan zware kalkstenen muren, die geen verbinding hebben met het graniet. De grafkamer staat dus mogelijk los in de piramide.”

We gaan er natuurlijk van uit dat het zo is, dat de koningskamer als een lift in een liftkoker staat. De granieten grafkamer kon dus in zijn geheel omhoogschuiven als een lift. Alleen, het gewicht van het geheel is niet mis. Bovenop het gewicht van de grafkamer zelf komen daar nog eens de granietbalken bij van de kamers erboven. Wie nu nog steeds gelooft dat de constructie boven de koningskamer als drukontlasting bedoeld is moet wel heel goedgelovig zijn. Het is net het tegendeel, deze lagen vergroten zelfs nog de druk op de muren van de koningskamer. Anderzijds is het wel een ideale constructie om de echte ingang te beveiligen, iemand die zonder meer de onderste lagen weghakt zal ongetwijfeld de hoger gelegen steenlagen op zijn donder krijgen. Met een dergelijke beveiliging…. altijd prijs.

Indien de koningskamer inderdaad de grote cilinder van een hydraulische pers is dan moet er uiteraard een vloeistofleiding mee in verbinding staan, die valt echter nergens te bespeuren.


Een gesloten drukleiding
Een gesloten drukleiding, gaat er een schacht tot onder de koningskamer?

 

Die schacht tot onder de koningskamer (rode pijl) is nog het minste van onze zorgen want naar onze mening bestaat die wel degelijk, men moet hem alleen maar willen zien. Die schacht vertrekt in het midden van de ondergrondse kamer en gaat (ongeveer) loodrecht omhoog tot onder de vloer van de koningskamer.

 

Een schacht?
Vierkante vorm van een schacht in het plafond van de onderaardse kamer?
Foto Edgar Brothers - Zie ook
[4]

Home

Begint die schacht hier?
Is de vierkante vorm in het plafond het begin van een afgestopte schacht?
© Picture May be Copyrighted.

 

In het plafond van de onderaardse kamer is een vierkante vorm te zien, die zit juist in het midden van die rare constructie of wat er nog van overblijft. Blijkbaar zit dat gat in het plafond, achteraan de kamer, juist boven de gleuf in die steenblokken.

 

De ondergrondse kamer
De ondergrondse kamer, uitgehakt in de kalkrots van het Giza plateau.
Tekening volgens de gegevens van Howard Vyse.

 

Merk op dat volgens bovenstaande tekening, naar de gegevens van Howard Vyse, de loodlijn door de top van de piramide door de ondergrondse kamer zou gaan, op ongeveer 5 cubit van de noordelijke muur van die kamer.

In de piramide werden granietblokken gebruikt die als afsluitkleppen dienden. In het plafond van de ondergrondse kamer was eigenlijk geen afsluitklep nodig, de schacht werd enkel afgesloten om hem te verbergen en daarom werd er wellicht kalksteen gebruikt.


Bovenaanzicht
Bovenaanzicht op de koningskamer en de ondergrondse kamer. De locatie en de afmetingen
van de ondergrondse kamer op bovenstaande tekening wijken max. 1 cubit af van Petrie's notities.


Merk op dat op bovenstaande tekening, nu naar de gegevens van Petrie, de loodlijn door de top van de piramide op ongeveer 2 cubit ten noorden van de ondergrondse kamer ligt. Deze kamer ligt dus niet onder de top. We volgen de gegevens van Petrie omdat we denken dat deze correcter zijn dan deze van Howard Vyse.

We veronderstellen dat er een schacht begint onder de vloer van de koningskamer die in de ondergrondse kamer uitmondt. Hoewel die tunnel niet perfect verticaal kan getekend worden zou de meest logische locatie toch in die hoek van de koningskamer zijn waar Vyse mogelijk een tunnel ontdekt heeft.


De koningskamer
De holte onder de vloer van de koningskamer, uitgehakt door Vyse.
Heeft Vyse een tunnel ontdekt onder de vloer van de koningskamer?
Tekening versie B

Home

Hoewel we er absoluut geen bevestiging voor vinden bestaat de mogelijkheid dat Vyse onder de granietblokken van de vloer in de koningskamer een nauwe tunnel heeft ontdekt die hij heeft vergroot om hem te kunnen volgen.

 

Een kalkstenen plug?
Verbergt de kalkstenen plug (rood) een schacht die tot onder de koningskamer komt?


We houden het voor mogelijk dat er op de verhoogde constructie in de ondergrondse kamer een steun heeft gestaan om die plug in een hogere stand te houden zodat de schacht open was. We hebben in een eerder hoofdstuk moeite gehad te verklaren langs waar de lucht kon ontsnappen toen de ondergrondse kamer vol water liep. Nu kunnen we daar aan toevoegen dat de lucht naar omhoog steeg in die schacht en nadien gevolgd werd door het water. Het is mogelijk dat de aanwezige lucht(druk) die plug niet kon optillen en dus werd de schacht mogelijks open gehouden door een steun onder de plug te plaatsen. Iets later, toen het water langs die plug de schacht instroomde, werd die door de waterdruk nog hoger getild waardoor de steun eronder vanzelf naar beneden viel. De constructie helt lichtjes af, misschien werd er wel gebruik gemaakt van een (granieten?) bol om de plug te ondersteunen.

We kunnen slechts gissen, de ondergrondse kamer is danig aangetast dat deze wel nooit meer te reconstrueren valt. Toch zijn we ervan overtuigd dat die kamer volledig werd afgewerkt en dat het stenen verhoog daar met een welbepaald doel werd behouden. Het enige wat hier echt telt is dat er (mogelijks) een schacht vertrekt die juist onder de vloer van de koningkamer uitkomt, indien we met berekeningen kunnen aantonen dat de koningskamer een zuiger is die in de grote cilinder staat dan mogen we aannemen dat die schacht (drukleiding) er ook wel zal zijn.


Een hydraulische pers
In de vloeistofleiding is de druk overal gelijk.

 

We willen u de gedachtegang laten volgen zoals ook wij die ervaren hebben maar wensen u de ontelbare berekeningen en het vele zoekwerk te besparen, het is zo al meer dan saai genoeg. Alle berekeningen leidden steeds weer tot één zelfde resultaat, namelijk dat het hydraulisch systeem blijkbaar een verhouding had van ongeveer 10. Dit komt er op neer dat de grote cilinder, ten opzichte van de kleine, een tien maal grotere oppervlakte heeft, de opwaartse kracht ervan eveneens tien maal groter was maar de verticale verplaatsing daarentegen 10 maal kleiner. De kleine cilinder heeft een doorsnede van 41 cubit², zijn verplaatsing bedroeg 75 cubit en hij oefende een kracht uit van 460 ton' (11,225 ton/cubit²). Het totaal verplaatst volume aan hydraulische vloeistof bedroeg 3.075 cubit³. Voor de grote cilinder zou dat dus neerkomen op een doorsnede van ongeveer 400 cubit² en een verticale verplaatsing van zo'n 7,5 cubit, de opwaartse kracht die deze kon opwekken zou dan 4.600 ton' bedragen.

 

De koningskamer
De koningskamer, dikte van de granietwanden 3,25 cubit.

Home

De koningskamer wordt omgeven door muren bestaande uit granietblokken die een dikte hebben van 3,25 cubit. We gaan er in dit theoretisch model van uit dat de muren van de koningskamer op een vloerplaat staan die uit één stuk bestaat en gelijk komt met de buitenkant van die muren. De inwendige ruimte samen met de muren erom heen vormen als het ware de lift, de buitenafmetingen ervan zijn 16,5 bij 26,5 cubit, de totale oppervlakte van de vloerplaat zou dan (16,5 cubit x 26,5 cubit) = 437,25 cubit² bedragen.

Indien de koningskamer de grote zuiger was dan zou de vloerplaat ervan het oppervlak van de grote zuiger vormen. Het grondoppervlak van de vloer tot aan de buitenkant van de muren bedraagt 437,25 cubit². In dit geval hier is de verhouding (437,25 / 41) cubit² = 10,66, dit wijkt niet zo heel veel af van de vooropgestelde 400 cubit² (voor een hydraulisch systeem met een verhouding van 10). De opwaartse kracht op dat vlak zou dan 437,25 cubit² x 11,225 ton’/cubit² = 4.908 ton’ bedragen hebben en de opwaartse verplaatsing 3.075 cubit³/437,25 cubit² = 7,03 cubit. De koningskamer plus de steenlagen daarboven mogen in dit voorbeeld tot 4.908 ton wegen, daar maken we ons niet direct zorgen over omdat dit wel meer dan voldoende moet geweest zijn.

Er is echter een ander punt waar we ons wél grote zorgen moeten om maken, met name die vloerplaat in de koningskamer die uit één stuk zou moeten bestaan. Met die redenering in verband met de vloer van de koningskamer zaten we dus totaal verkeerd.


Een vloerplaat?
Een opwaartse kracht F2 van 4.908 ton’ drukte op de vloerplaat.

 

Op bovenstaande tekening is een vloerplaat getekend met een dikte van 3 cubit, een kracht van 4.908 ton’ is enorm en wellicht is een vloerdikte van 3 cubit niet genoeg. Het zwakste punt van de vloer bevindt zich uiteraard in het midden, vooral omdat daarboven de holle ruimte zit van de koningskamer. De vloerplaat zou daar het eerst barsten of zelfs breken. Om die opwaartse druk te kunnen weerstaan is het best mogelijk dat de vloerplaat een dikte zou moeten hebben van wel 5 cubit of zelfs nog meer, een plaat met een dikte van 5 cubit zou ongeveer 820 ton wegen. Een vloerplaat uit één stuk is dus ronduit een absurd idee, bovendien kan men in de koningskamer vaststellen dat die vloer niet uit één stuk bestaat maar daarentegen uit meerdere grote granietblokken werd samengesteld. Dat er onder die grote granietblokken nog een vloerplaat uit één stuk zou zitten is gewoon ondenkbaar, bovendien zou het totale gewicht deze hypothese gewoonweg onmogelijk maken.

 

De vloer opengebroken
Vyse heeft een stuk van de vloer opgebroken.
Tekening Waseda University,Tokyo,Japan
[6] - © Drawing May be Copyrighted.

 

Bovendien heeft Vyse zelfs een paar van die granietblokken uit de vloer getild en onder de vloer zelfs nog een groot gat gehakt, blijkbaar zou hij daar een tunnel hebben opgemerkt die hij heeft vergroot maar van één grote vloerplaat is er nergens sprake.

Home

Opvallende kenmerken van de koningskamer.

De koningskamer is als een lift in een liftkoker maar toch bestaat de vloer uit meerdere grote granietblokken en niet uit één grote granieten plaat. Daarenboven staan de muren niet op de vloer van de koningskamer maar net omgekeerd, het zijn de vloerblokken die tussen de wanden van de koningskamer zitten. De basis van de onderste steenlaag van de muren zit lager dan het niveau van de vloer. Automatisch gaat men zich de vraag stellen hoe diep de muren nog doorlopen onder het niveau van de vloer en waarop die muren dan uiteindelijk rusten.

De koningskamer meet perfect 10 bij 20 cubit, de hoogte daarentegen is ongeveer 11,15 cubit en dit is zelfs nog niet helemaal gelijk aan 11 cubit + 1 palm. Dat is totaal onlogisch, van de koningskamer met zijn perfecte lengte- en breedtematen zou men ook voor de hoogte een exact aantal cubit verwachten, dit is duidelijk niet het geval. Tracht maar eens de rare kronkels van het menselijk denken uit te leggen. Het is zeer moeilijk hier alle denkpistes weer te geven maar we zijn er stellig van overtuigd dat iedereen die de koningskamer grondig bestudeert op een gegeven moment het inzicht zal krijgen dat de verticale verplaatsing van de zuiger binnenin de koningskamer zelf zit. Het is alsof er iets is blijven staan terwijl de rest naar omhoog is geschoven.

 

Vaste vloer
De zuiger wordt uitsluitend gevormd door de muren, de vloer van de koningskamer
kan niet bewegen en behoort tot de massieve kern van de piramide.

 

Juist, de vloer van de koningskamer behoort niet tot de lift maar maakt deel uit van het massieve gedeelte van de piramide, het zijn enkel de zijwanden van de koningskamer die de zuiger (lift, piston) vormen. Uit oogpunt van gelijkmatige verdeling van het gewicht en het in evenwicht houden van de koningskamer was het uiteraard een vereiste dat de muren overal dezelfde dikte hadden. De zichtbare hoogte van de granietwanden bedraagt zo’n 11,15 cubit, de muren lopen echter nog wat verder door onder het niveau van de vloer en rusten daar op kalksteenblokken.

 

De koningskamer in de laagste stand
De muren van de koningskamer, het plafond en de lagen daarboven in hun laagste stand,
enkel de rode delen kunnen naar omhoog worden geduwd.

 

Voorgaande tekening toont de muren van de koningskamer in hun laagste stand, ze rusten op de massieve kern van de piramide maar toch moet de constructie zo zijn opgevat dat er water vanuit de schacht (drukleiding) onder ieder punt van de muren kon komen. De druk van het water drukte op de gehele oppervlakte van de onderkant.

 

De koningskamer in de hoogste stand
Door de waterdruk werden de muren van de koningskamer naar omhoog geduwd,
hier staan ze in hun hoogste stand. De vloer van de koningskamer kan niet bewegen,
deze behoort tot het massieve gedeelte van de piramide.

 

Omdat de muren van de koningskamer omhoog dienden geduwd te worden waren er uiteraard extreme voorzorgsmaatregelen nodig, daarom werden de muren opgetrokken met enorm grote granietblokken. Deze blokken lagen horizontaal en dit was uiteraard de beste keuze, bovendien bestaat de bovenste steenlaag in de breedte van de koningskamer slechts uit één granietblok en in de lengte uit slechts twee blokken voor de ene muur en uit drie voor de andere. Dit was nodig om het geheel bij mekaar te kunnen houden. Toch zal dit nog niet voldoende geweest zijn, de onderste laag was zeker en vast de meest belangrijke en we verwachten dat er onder de onderste laag granietblokken nog een andere laag zit die uit één groot blok bestaat. Dat zou een rechthoekig kader kunnen zijn van 16,5 bij 26,5 cubit, met in het midden een rechthoekig gat van 10 bij 20 cubit.

 

Kalkstenen on de muren
De muren van de koningskamer staan op een laag kalksteen.

 

De granietblokken van de muren lopen verder door tot iets onder het niveau van de vloer, daaronder hadden we eigenlijk een kader van graniet verwacht maar in werkelijkheid rusten de muren op (één?) kalksteenblok(ken). Misschien was het te moeilijk om een kader in graniet te vervaardigen of was kalksteen, tegen onze verwachtingen in, toch beter geschikt voor deze functie. Bovenstaande tekening laat een kalksteen zien uit één stuk, op andere tekeningen werd er dan weer een voeg getekend wat zou duiden op meerdere kalksteenblokken. Het is niet zeker welke tekening nu de correcte is maar we verwachten eigenlijk dat er één groot rechthoekig kader zit onder de muren.

De doorsnede van de grote zuiger, die normaal gesproken ongeveer 400 cubit² zou moeten bedragen, blijft nu beperkt tot het grondvlak van de muren die een oppervlakte heeft van slechts 237,25 cubit². Door dit gegeven stellen we vast dat de vermenigvuldigingfactor 10 zeker niet meer gehaald wordt, deze waarde bedraagt slechts 237,25 cubit² / 41 cubit² = 5,79.

Merk tevens op dat de opwaartse kracht in dit geval gedaald is tot 237,25 cubit² x 11,225 ton’/cubit² = 2.663 ton’, dit is veel te weinig om de koningskamer naar omhoog te duwen. Dit is ook weeral een totaal onaanvaardbare hypothese, om de juiste oplossing te vinden komt het er dus op neer dat het grondvlak bij benadering 400 cubit² moet zijn ondanks het feit dat de muren slechts een dikte hebben van 3,25 cubit.

 

Een sokkel onder de muren?
De muren van de koningskamer rusten mogelijks op een sokkel.

Home

Om aan de vereiste oppervlakte van 400 cubit² te komen is het mogelijk dat de muren van de koningskamer onder het vloerniveau op een bredere sokkel rusten. In bovenstaand voorbeeld werd een sokkel getekend met een breedte van 5,5 cubit. Het kader heeft als buitenafmetingen 18,75 cubit x 28,75 cubit en als binnenafmetingen 7,75 cubit x 17,75 cubit. Het totale grondoppervlak van die sokkel is gelijk aan de oppervlakte van de buitenste rechthoek min de oppervlakte van de binnenste rechthoek (de opening in het midden).

 

De sokkel in perspectief
Theoretisch voorbeeld van een kalkstenen sokkel (perspectief).

Home

Doorsnede van de sokkel
Hetzelfde kader in bovenaanzicht en in doorsnede.

 

De netto oppervlakte is gelijk aan de totale oppervlakte min de oppervlakte van het gat in het midden. De totale oppervlakte is gelijk aan (18,75 cubit x 28,75 cubit) = 539,0625 cubit². De oppervlakte van de opening is gelijk aan (7,75 cubit x 17,75 cubit) = 137,5625 cubit². Het verschil is (539,0625 – 137,5625) cubit² = 401,5 cubit², dit is de netto oppervlakte van de sokkel.

Het gekozen voorbeeld, met een sokkelbreedte van 5,5 cubit, heeft een grondoppervlak van 401,5 cubit² en benadert zeer goed de vooropgesteld waarde. Het is slechts een theoretische benadering, wel is het zo dat er zich beneden de onderste laag granietblokken andere blokken zitten die uit kalksteen bestaan. Het is niet eens duidelijk of het nu om één groot blok gaat dan wel over meerdere kleinere blokken, dat daaronder nog een sokkel zou zitten is in het geheel niet bekend. We hebben hier enkel trachten aan te tonen dat een oppervlakte van 400 cubit² wel degelijk kan bereikt worden, zelfs met dunnere muren van 3,25 cubit.

 

Positionering van de koningskamer
De plaats van de koningskamer in de piramide.

 

We hebben al van in het begin beweerd dat de geheime kamers van de piramide in het middelpunt zitten, of althans toch vanaf daar beginnen. We veronderstellen dat het middelpunt exact in het vloerniveau ligt van die geheime ingang, we kunnen dus aannemen dat de drempel van de verborgen ingang op exact dezelfde hoogte ligt als het middelpunt van de piramide, dit is theoretisch op 106,92 cubit boven de basis van de piramide. Volgens Petrie en ook nog andere bronnen ligt de bovenkant van de drempel (hoge stoep) in de grote galerij op 1694,1 inch boven de basis van de piramide, dit komt overeen met 43,03 meter of 82,18 cubit. Het verschil tussen beiden bedraagt dus (106,92 – 82,18) cubit = 24,74 cubit. Deze twee punten laten toe de koningskamer heel nauwkeurig te positioneren op een tekening.

 

Hoogte van de nok
De hoogte van de koningskamer en de nok van het puntdak.
Tekening versie C

 

De hoogte van de koningskamer is 5,84 meter of dus 11,15 cubit. Volgens Sir Flinders Petrie, Rudolf Gantenbrink en het Italiaanse team is de hoogte vanaf de onderkant van het plafond van de koningskamer tot in de nok van het puntdak gelijk aan 15,20 (15,26?) meter of dus 29 cubit. De totale hoogte vanaf de vloer van de koningskamer tot in de nok van het puntdak is (11,15 + 29) = 40,15 cubit. De nok van het puntdak zit (40,15 – 24,74) = 15,41 cubit boven het middelpunt. Dit is hier echter van ondergeschikt belang, indien de muren van de koningskamer en de steenlagen daarboven origineel lager stonden dan zou het niveau van de vloer van de bovenste kamer gelijk moeten komen met het middelpunt. Dat zijn echter afmetingen die niet bekend zijn, we hebben daar geen exacte gegevens over gevonden. Om die reden werd bovenstaande schets op een correcte schaal gebracht en in een Autocad® tekening geplaatst, er werd vooral aandacht besteed aan de correctheid van de hoogte. Zoals op de tekening is te zien zit het niveau van de vloer van de bovenste kamer 11,56 cubit boven het middelpunt M. De kleine zuiger heeft een doorsnede van 41 cubit², indien we de doorsnede van de grote zuiger op 400 cubit² nemen dan is de vermenigvuldigingsfactor eigenlijk 400 cubit² / 41 cubit² = 9,756. In dit geval zou de verticale verplaatsing 75 cubit / 9,756 = 7,688 cubit bedragen hebben. We zitten dus met een verschil van (11,56 – 7,688) cubit = 3,872 cubit of ongeveer 2,02 meter, dit verschil is veel te groot om overtuigend over te komen. We moeten vast iets belangrijks over het hoofd gezien hebben, maar wat?

Home

Kleine details kunnen naar de oplossing leiden.


Geheime ingang is gesloten
De koningskamer in de hoogste stand, de geheime ingang is verborgen.

 

Bovenstaande tekening toont de koningskamer en de daarboven liggende steenlagen in hun hoogste positie. De steenblokken zitten tot tegen het puntdak en verbergen de geheime ingang naar het middelpunt van de piramide. De koningskamer is hier 11,15 cubit hoog getekend, dit is de huidige toestand. Onderaan de muren van de koningskamer zijn lege holten, dit is de ruimte waar de muren stonden in hun laagste positie. Het staat wel niet op de tekening maar in die holle ruimten werden vast en zeker andere steenblokken geschoven die de koningskamer nu stutten en in deze hoogste positie houden.

Volgens Petrie is de breedte van de bovenste tussenkamer, waar de dakplaten juist boven de vloer uitkomen gelijk aan 247 inch, dit is zo’n 627 cm of 12 cubit. Deze afmeting kan als leidraad gebruikt worden om het hoogteniveau van de bovenste vloerlaag te bepalen, deze vloer zou dus ongeveer 11 à 12 cubit (4 + 7,69) boven het middelpunt komen. Op bovenstaande tekening lijkt alles in orde maar dat is lang niet het geval, de berekeningen kloppen niet. Theoretisch kan de koningskamer maximaal 7,69 cubit zijn gestegen, in de laagste stand zou de vloer van de bovenste kamer dus  diezelfde 7,69 cubit lager gestaan hebben (onderste mauve lijn). Dit niveau zit echter zo’n 4 cubit boven het middelpunt en dus klopt onze redenering niet. Bovendien is op de tekening te zien dat de geheime doorgang slechts een maximale hoogte kon hebben van 4 cubit, indien de dakplaten in werkelijkheid nog wat langer zijn zou de vrije hoogte nog een heel stuk minder kunnen zijn. Dit gegeven strookt niet met onze verwachtingen aangezien we een statige ingang naar de geheime kamers vooropgesteld hadden, er is duidelijk nog iets verkeerd met onze interpretatie van het geheel of met onze berekeningen.


Ingang staat open
De koningskamer in de laagste stand, de geheime ingang is nu open.
De doorgang  zit 4 cubit boven het middelpunt en is slechts 4 cubit hoog.

 

De koningskamer heeft nu een hoogte van 11,15 cubit, In de laagste stand kan de koningskamer origineel een hoogte gehad hebben van 3,5 cubit. De theoretisch maximale verplaatsing bedroeg 7,69 cubit en zou de hoogte dus op (3,5 + 7,69) = 11,19 cubit gebracht hebben. Dit zou een verklaring kunnen zijn waarom de hoogte van de koningskamer niet exact op een geheel aantal cubit uitkomt, de breedte en de lengte ervan meten exact 10 bij 20 cubit, de hoogte daarentegen komt uit op een vrij ongewone afmeting (11,15 à 11,18 cubit).

Er is echter iets zeer opmerkelijk; Dat de arbeiders in de tussenkamers “graffiti” hebben aangebracht is min of meer begrijpelijk, normaal gezien zou daar toch nooit een levende ziel komen hoewel Howard Vyse echter het tegendeel heeft bewezen. Dat het de arbeiders echter werd toegestaan om teksten te zetten op de muren in de bovenste kamer en op de steenblokken van het puntdak is totaal onbegrijpelijk. De meeste hiërogliefen en ook een paar cartouches met de naam van Chufu (Cheops) zijn daar terug te vinden. Bovendien hebben de piramidebouwers in de bovenste kamer weinig of geen moeite gedaan voor de afwerking ervan, langs alle kanten zijn er nog rode of zwarte merktekens en lijnen waar te nemen. 

Toen de geheime kamers nog toegankelijk waren en de koningskamer in zijn laagste positie stond hebben hooggeplaatste personen en wellicht de farao zelf de “vergrootte” ruimte onder het puntdak betreden. Hoe ze in die ruimte konden komen weten we (nog) niet, in ieder geval waren ze verplicht daar te passeren om via de doorgang de geheime kamers te bereiken. Met uitzondering van de ruimten boven de koningskamer is de piramide verder totaal naamloos en werd er geen enkele hiëroglief aangetroffen, onder het puntdak lijkt het eerder alsof de arbeiders zich eens mochten uitleven. Maar, die graffiti kon daar toch opgemerkt worden door hun oversten? Of was dit toch niet het geval?

 

Verloren verplaatsing
De bovenste laag granietbalken, de vloer van de hoogste kamer.

 

Op bovenstaande tekening werden de steenblokken van het puntdak een weinig langer getekend, ze komen dus iets lager. Wellicht weet niemand hoe lang die exact zijn en dus is iedere tekening ervan niet meer dan een benadering. Deze tekening maakt duidelijk dat de bovenste granietbalken helemaal tussen het puntdak zitten. De bovenste laag steenblokken naar beneden laten is pure verspilling van de beschikbare verticale verplaatsing. Stel dat die blokken een dikte hebben van 4 cubit, dan moet de koningskamer al over diezelfde afstand A zakken opdat de bovenkant van de blokken en de onderkant van het puntdak op dezelfde hoogte zouden staan. Men heeft op dat moment nog geen centimeter opening naar de geheime gang toe. De (nutteloze) af te leggen weg van de grote zuiger moest zo klein mogelijk gehouden worden. De vermenigvuldigingsfactor van het hydraulisch systeem is 9,756, voor iedere cubit opwaartse verplaatsing van de koningskamer moest de kleine zuiger dus 9,756 cubit naar beneden schuiven. De bouw van de grote monoliet (kleine zuiger) en de galerij heeft enorme inspanningen gevergd en een verlies van 4 cubit aan opwaartse verplaatsing zou totaal onverantwoord geweest zijn, het kwam erop neer dat de grote galerij en ook de grote monoliet om die reden (4 x 9,756) = 39 cubit (20,42 m) langer moest gemaakt worden. Van die monoliet van 75 cubit zou meer dan de helft verloren zijn gegaan aan nutteloze verplaatsing. Dat de ontwerpers van de piramide een dergelijke fout zouden gemaakt hebben is totaal ondenkbaar, ze hebben zeker geen extra 39 cubit galerij gebouwd voor niets!

Het antwoord zit hem meestal in kleine details; Door de eeuwen heen werden van Cheops’ piramide wellicht tientallen, zo niet honderden schetsen en nauwkeurige tekeningen gemaakt. Zelfs met de beste bedoelingen zijn er steeds wel enkele verschillen te bemerken. Soms zijn de verschillen echt kleine details maar er geen rekening mee houden kan leiden tot heel grote fouten, dat hebben we aan den lijve kunnen ondervinden. Zo zijn in dit hoofdstuk de tekeningen van de koningskamer versies A en B (o.a. van Petrie) correct en de versie C foutief. Waar gaat het hem over?

 

De bovenste laag granietbalken
De bovenste laag granietbalken rust op de massieve kern van de piramide!
Tekening versie A - Petrie

Home

Wat we jaren aanzien hebben als een klein tekenfoutje van Petrie was in het geheel geen fout maar een tekening die tot in het kleinste detail correct is. De bovenste granietbalken die de vloer vormen van de hoogste kamer liggen niet op de lagen eronder maar rusten daarentegen op  kalksteenblokken die tot de massieve kern van de piramide behoren. Ze rusten dus niet op de lagen eronder en kunnen ook niet mee naar omlaag gaan met de rest. Dit feit levert ons zo’n 6 cubit winst op en nu moeten de berekeningen wel correct zijn. Dit is meteen ook een verklaring waarom de onderste vloerlagen ondersteund worden door granietblokken maar de bovenste laag door kalkstenen.

Nadat het puntdak was aangebracht zou er normaal gezien nooit nog een levende ziel in die bovenste kamer kunnen komen, zelfs indien de koningskamer op zijn laagste punt stond. Geen wonder dus dat de arbeiders die ruimte mochten volkladden. Jaren aan een stuk hadden ze een geheim moeten bewaren, in deze ruimte konden ze eindelijk eens hun hart luchten en schreven: “De werklui-ploeg, hoe sterk is de witte kroon van Chnoem-Choefoe.”


4 lagen rusten op de muren
Er rusten slechts 4 lagen granietbalken op de muren van de koningskamer.

 

Dit keer ziet de tekening er wel correct uit, de vloer van de geheime doorgang ligt exact op het niveau van het middelpunt van de piramide en de geheime gang werd 5 cubit (2,62 m) hoog getekend, hij zit volledig verborgen achter de granietbalken en de steenblokken die er tussen zitten. Afgaand op bovenstaande tekening, die echter niet zo nauwkeurig is, kunnen we zien dat de koningskamer 5,71 cubit naar omhoog geduwd werd. Volgens onze berekeningen zou de maximale verticale verplaatsing 7,688 cubit zijn, de werkelijkheid zal daar wel ergens tussen liggen.

 

Djed
De koningskamer en de lagen erboven, een symbolische Djed?

 

Eigenlijk hadden we het al veel eerder moeten opmerken, een Djed heeft vier ringen en meer dan waarschijnlijk is de koningskamer met de vier granietlagen erboven de symbolische voorstelling ervan. Indien we een meer nauwkeurige tekening nemen dan kunnen we de hoogten afmeten, heel precies zal dit wel nooit zijn maar het moet toch volstaan om aan te tonen dat onze berekeningen deze keer kunnen kloppen.

De eindoplossing
Vlak A zit slechts 6,17 cubit boven het middelpunt van de piramide.
Tekening versie C

Home

Indien, volgens bovenstaande tekening, vlak A 6,17 cubit zakt dan komt het op gelijke hoogte met het middelpunt van de piramide. De grote zuiger heeft een veronderstelde oppervlakte van 400 cubit², daardoor was de opwaartse verplaatsing beperkt tot maximaal 7,69 cubit en de opwaartse kracht tot 4.490 ton’. Volgens deze tekening zou de werkelijke verplaatsing ongeveer 6,17 cubit kunnen geweest zijn, we hebben dus nog wat reserve. Let wel, ook die 6,17 cubit is slechts een benadering omdat die maat werd genomen op bovenstaande tekening. Het verschil van (7,69 – 6,17) = ong. 1,5 cubit moet gezien worden als door ons gemaakte meetfouten maar ten dele ook als reserve die voorzien werd om de (druk)verliezen op te vangen en om de koningskamer een korte tijd in de hoogste positie te kunnen vasthouden.

In dit voorbeeld had de koningskamer, in de laagste stand, een hoogte van 4 cubit en werd die 6,17 cubit naar omhoog geduwd tot de huidige 11,17 cubit (11,15 à 11,18). Die verticale verplaatsing van 6,17 cubit liet toe een geheime doorgang te verbergen met een hoogte van zo’n 5 à 6 cubit, een dergelijke hoogte mag al gerust comfortabel genoemd worden.


Stutblokken
Stutblokken (A) schoven onder de muren om ze in deze positie te houden.

 

De muren van de koningskamer dienden een korte tijd in hun hoogste positie gehouden worden, dit juist lang genoeg om toe te laten dat er zware steenblokken onder de muren schoven om ze te stutten. Op het moment dat de koningskamer op zijn hoogste punt stond bleef er druk op staan omdat de monoliet nog niet op zijn laagste punt was beland en dus voor de nodige druk bleef zorgen. Theoretisch zou de grote monoliet op dat punt blijven stilstaan, door de onvermijdelijke verliezen schoof hij echter nog verder naar beneden maar bleef de druk toch op peil. Eens de stutblokken op hun plaats zaten konden de muren van de koningskamer enkele centimeters zakken tot wanneer ze volledig op die blokken rustten. Bovenstaande tekening is slechts een puur theoretisch voorbeeld, het is vrij logisch dat de muren moesten ondersteund worden, we hebben echter geen flauw idee hoe deze constructie er in werkelijkheid zou kunnen uitzien.

 

Bovenaanzicht stutblokken
Steenblokken (blauw) stutten de muren van de koningskamer.

 

Voorgaande tekening is een bovenaanzicht op de muren van de koningskamer, het is een puur theoretische voorstelling van stenen platen of blokken (blauw) die onder de muren schoven om de koningskamer te stutten nadat de waterdruk was verdwenen. Onder de volledige oppervlakte van de muren zouden er holtes moeten zijn waar de muren van de koningskamer hebben gestaan in hun laagste positie, deze holtes zijn wellicht voor het grootste deel gevuld met de steenblokken die deze muren stutten. Afhankelijk van de constructie kunnen er onder de vloer, in de hoeken van de koningskamer, holtes gebleven zijn.

 

Antenne Grondradar
De antenne van een (grond)radar systeem.
[6] – Foto Waseda University,Tokyo,Japan. - © Picture May be Copyrighted.


Het Japanse team van de Waseda Universiteit in Tokyo heeft de vloer van de koningskamer doorgelicht met een (grond)radar om anomalieën in de zwaartekracht vast te stellen. Op bovenstaande foto is een antenne te zien waarmee ze die metingen hebben uitgevoerd, zoals u kunt zien is zo’n antenne vrij groot.

 

Vloer koningskamer
Metingen werden gehinderd door de “sarcofaag” en de granietblokken.
Tekening Waseda University, Tokyo,Japan
[6] - © Drawing May be Copyrighted.


Door het feit dat Howard Vyse enkele granietblokken uit de vloer heeft getild en ook nog een holte onder de vloer heeft gehakt kon er in de linker bovenhoek geen exacte meting uitgevoerd worden, ook de “sarcofaag” heeft de bewegingen met de antenne gehinderd. Het is dus vrij logisch dat er in die hoek geen correcte meetresultaten bekomen werden.

 

Meetresultaten
Plan van de anomalieën in de zwaartekracht van de koningskamer (vloer).
Tekening Waseda University, Tokyo, Japan
[6] - © Drawing May be Copyrighted.

Positieve getallen staan voor massieve gedeelten, negatieve getallen staan voor mogelijke holten onder de vloer. Hoe groter de negatieve getallen zijn hoe groter de holte zou kunnen zijn en hoe meer men ervan overtuigd is dat er werkelijk een holle ruimte is. Hoewel er voor de linker bovenhoek geen volledige metingen konden uitgevoerd worden ziet men toch voor de drie overige hoeken dat daar een holte kan zitten, in de rechterbovenhoek van het plan zou de holte het grootst zijn (meting -40 micro Gals). De medewerkers van het Waseda team vermeldden in hun verslag enkel de meetwaarden maar voegden daar verder geen commentaar aan toe. We denken dat die -40 micro Gals in de rechter bovenhoek eventueel iets zou kunnen te maken hebben met de ingang van de koningskamer of met het feit dat er onder de vloer van de voorkamer (antechamber) ook holle ruimten kunnen zitten. Wat we trachten aan te tonen is dat de eerder gemaakte veronderstellingen tot op zekere hoogte lijken bevestigd te worden door bovenstaande meetresultaten.

Home

Het gewicht van de koningskamer versus de opwaartse kracht.

Het is onmogelijk om het gewicht van de koningskamer exact te berekenen, het resultaat zal beperkt blijven tot slechts een (grove) benadering. We hopen dat dit kan volstaan.

 

De 4 delen
De vier delen voor het berekenen van het totaalgewicht.

Bepalen van de afmetingen van de vier afzonderlijke delen van de koningskamer.

1 – De muren van de koningskamer


De muren
De totale hoogte van de muren in de koningskamer.

 

De koningskamer meet 10 bij 20 cubit, aan de buitenzijde van de 3,25 cubit dikke muren zijn de afmetingen 16,5 bij 26,5 cubit. We gaan ervan uit dat de muren in een schacht opgesteld zijn die beetje groter is, afdichtingen moeten aan de voet van de sokkel zitten. De hoogte van de koningskamer is ongeveer 11,15 cubit, de muren zelf lopen nog een beetje door onder het niveau van de vloer en staan daar op kalksteenblokken. De muren dus een heel stuk hoger dan de kamer zelf, we schatten de totale hoogte op 15 cubit. Volgens onze hypothese zouden de muren daar op een nog bredere sokkel kunnen rusten.

 

2  – De sokkel onder de muren.

De sokkel
De kalkstenen sokkel onder de muren van de koningskamer.

 

We waren eerder uitgegaan van een sokkel met een breedte van 5,5 cubit, de buitenafmetingen zouden dan 18,75 bij 28,75 cubit kunnen zijn met in het midden een uitsparing van 7,75 bij 17,75 cubit. De gemiddelde dikte hebben we op 2,5 cubit geschat.

 

3  – De vier lagen granietbalken.

4 lagen granietbalken
Tekening en maataanduidingen door het Italiaanse team.

 

De granietbalken liggen van noord naar zuid op de muren, ze zijn gescheiden door weer andere granietblokken die over de gehele lengte lopen, de noordelijke en zuidelijke kalksteenmuren zijn dus vrijwel nergens te zien. Bovendien zitten op de vele tekeningen vrij grote verschillen in de maataanduidingen. Het grootste probleem is dan ook het bepalen van de afmetingen van de lagen granietblokken, de tussenlagen en van de lengte en breedte van de schacht waartussen die steenlagen naar omhoog schoven. De hoogte tussen de onderkant van laag 1 en de onderkant van laag 5 bedraagt 21,5 cubit (11,30 meter). We nemen voor de dikte van de steenlagen een gemiddelde van 3,5 cubit en 2 cubit voor de holten ertussen, we gaan we ervan uit dat dit ruim genoeg werd bemeten.

 


Noord- Zuid doorsnede van de koningskamer.


Voor zover we weten zijn de buitenafmetingen langs de Noord- Zuid as niet exact bekend, Petrie heeft enkel de binnenafmetingen opgemeten van die “Chambers of Construction”. Door de blokken, die tussen de granietbalken zitten, is de Noord- en Zuidkant van de schacht niet zichtbaar en konden dus ook niet opgemeten worden. volgens Petrie is de maximum breedte van de tussenkamers (chambers of Construction) gelijk aan 206,4 inch, dit is 5,24 meter of ook 10,01 cubit. De breedte van de koningskamer zelf is 10 cubit, aan de buitenkant van de 3,25 dikke muren meten we 16,5 cubit. We denken dat de schacht, waarin de koningskamer staat, een heel klein beetje groter is en we nemen daarom 17 cubit als breedte. De granieten balken die op de muren liggen zijn wellicht iets korter maar we houden toch die 17 cubit aan als lengte. Op die manier komen deze een beetje voorbij de muren waarop ze rusten en sluiten ze de kleine spouw af tussen de granietwanden van de koningskamer en de kalksteenblokken die er omheen staan. We nemen aan dat de tussenblokken een breedte hebben van 3,5 cubit, wat maakt dat ze tot tegen de muren van de schacht komen, iets wat vanwege de wrijving in werkelijkheid niet zou mogen het geval zijn.

 

De lengtematen
Oost- West doorsnede van de koningskamer.

 

Het plafond van de koningskamer wordt gevormd door 9 granietbalken, de breedte ervan werd opgemeten aan de onderkant, de uiterste balken liggen voor een stuk op de muren van de koningkamer en hun breedte is niet exact bekend.

 

Afmetingen granietbalken
De totale breedte van de negen granietbalken.

 

Indien we voor de buitenste balken een gemiddelde waarde nemen dan mogen we daaruit besluiten dat de totale lengte wellicht 23 cubit bedraagt. Aan Oost- en Westkant staan er immense muren die zijn opgetrokken uit enorme kalkblokken, deze muren komen niet tegen de granietbalken maar staan daar een heel stuk van verwijderd. Gezien het feit dat aan de oost- en westkant geen steenblokken tussen de lagen zitten zijn de muren van de schacht zichtbaar, deze werden dan ook door Petrie zorgvuldig opgemeten.


Petrie [5]: All these chambers over the King's Chamber are floored with horizontal beams of granite, rough dressed on the under sides which form the ceilings, but wholly unwrought above. These successive floors are blocked apart along the N. and S. sides, by blocks of granite in the lower, and of limestone in the upper chambers, the blocks being two or three feet high, and forming the N. and S. sides of the chambers. On the E. and W. are two immense limestone walls wholly outside of; and independent of; all the granite floors and supporting blocks. Between these great walls all the chambers stand, unbonded, and capable of yielding freely to settlement. This is exactly the construction of the Pyramid of Pepi at Sakkara, where the end walls E. and W. of the sepulchral chamber are wholly clear of the sides, and also clear of the sloping roof–beams, which are laid three layers thick; thus these end walls extend with smooth surfaces far beyond the chamber, and even beyond all the walls and roofing of it, into the general masonry of the Pyramid.
The actual dimensions of these chambers are as follow :–

Home

 

N.

E.

S.

W.

Top
4th
3rd
2nd
1st
(Kings

462 to 470
481
479 ?
...
460.8
412.8

...
196
...
204.65
205.8
206.4

468.4
467
472
471.8
464.6
412.5

247
198
198
...
205.9
206.1)

 

De grootste lengtemaat die we bij Petrie in de tabel terugvinden is 481 inch, dit is 12,22 meter of 23,33 cubit, het gaat hier wel degelijk over de afstand tussen beide kalksteenmuren van de schacht. We nemen de gemiddelde lengte van de schacht, waar de tussenkamers zitten, op 24 cubit. Deze is dus een stuk korter dan de schacht waarin de koningskamer staat. Deze heeft een lengte van 20 cubit, met inbegrip van de muren wordt dit 26,5 cubit aan de buitenkant ervan. Indien we in de lengte dezelfde tussenspatie aanhouden als voor de breedte (0,25 cubit) dan mogen we de lengte van de schacht op 27 cubit nemen. Toen de muren van de koningskamer naar omhoog werden geduwd werden ze tegengehouden in het stoppunt, de plaats waar ze tegen die vernauwing kwamen. Er is dus nooit sprake van dat de bovenste steenlaag met grote kracht tegen de onderkant van de vijfde steenlaag of het puntdak drukte.

 

Bovenaanzicht
Gemiddelde afmetingen van de steenlagen boven de koningskamer.

 

Voorgaande tekening geeft een bovenaanzicht op de koningskamer en de onderste laag granietbalken die het plafond vormen. De koningskamer meet binnenin 10 bij 20 cubit, aan de buitenkant van de 3,25 dikke muren worden de afmetingen 16,5 bij 26,5 cubit. Deze lift, de koningskamer dus, staat in een “liftkoker” waarbij we aannemen dat er aan iedere zijde een spouw zit van 0,25 cubit. Daaruit volgt dat die liftkoker 17 bij 27 cubit zou meten.
Bovenop de muren van de koningskamer liggen de granietbalken, we zijn de mening toegedaan dat die lagen granietblokken met hun tussenkamers in een kleinere schacht zitten. We houden het op 17 cubit voor de breedte van die schacht maar denken, afgaand op de vele maten opgenomen door Petrie, dat de lengte tussen de immense kalkmuren gemiddeld 24 cubit bedraagt. De lagen granietbalken komen niet tot tegen de muren en afgaand op weeral de uitleg van Petrie is de afstand van het uiteinde van de granietbalken tot de kalkstenen soms vrij groot. We houden daarom de gemiddelde lengte van de lagen granietbalken op 23 cubit. 
De afmetingen van die granietbalken zijn echter zeer onregelmatig, we zullen ons dus moeten tevreden stellen met gemiddelde waarden die we voor alle zekerheid ruim genoeg nemen. De lagen granietblokken en de daardoor ontstane tussenruimten vormen zeker geen drukontlasting, integendeel, het volle gewicht van de vier lagen rust op de muren van de koningskamer en vergroten de totale druk. Iedere laag granietblokken heeft een gemiddelde lengte van 23 cubit en een breedte van 17 cubit. Voor de berekeningen nemen we een gemiddelde dikte van 3,5 cubit.


4  – De steenblokken van de tussenlagen.

De tussenlagen
De steenblokken van de tussenlagen.

 

Bovenop iedere vloerlaag liggen dan weer andere granietblokken waarmee de tussenruimten worden gevormd, de lengte ervan bedraagt 23 cubit en we nemen een gemiddelde dikte van 2 cubit. De tussenruimten hebben een breedte van ong. 10 cubit en de schacht zelf 17 cubit. De grootst mogelijke breedte van deze blokken is dan 3,5 cubit maar dan zouden ze wel tot tegen de “liftkoker” komen, in werkelijkheid gaan deze blokken wel een stuk smaller zijn. Toch houden we voor onze berekeningen de maximale breedte aan van 3,5 cubit.

Home

Bepalen van het gewicht van de vier afzonderlijke delen van de koningskamer.

(1) De muren van de koningskamer:
De zichtbare hoogte van de muren in de koningkamer is 11,15 cubit,
deze staan niet op de vloer maar lopen nog verder door naar beneden.
De exacte hoogte is niet bekend maar we schatten deze op 15 cubit.
De muren van de koningskamer hebben een basisoppervlakte van:
[(16,5 x 26,5) – (10 x 20)] = 237,25 cubit²
Met een hoogte van 15 cubit bedraagt de inhoud ervan:
(237,25 cubit² x 15 cubit) = 3.558,75 cubit³.
Het gewicht is dan (3.558,75 cubit³ x 0,375 ton/cubit³) = 1.334,5 ton.


(2) De sokkel:
Deze heeft als buitenafmetingen 18,75 x 28,75 cubit, de opening in het midden
meet 7,75 x 17,75 cubit.
De gemiddelde dikte werd op 2,5 cubit geschat.
De totale inhoud van de sokkel is:
= [(18,75 cubit x 28,75 cubit ) – (7,75 cubit x 17,75 cubit)] x 2,5 cubit.
= [539,0625 cubit² – 137,5625 cubit²] x 2,5 cubit
= 401,5 cubit² x 2,5 cubit = 1003,75 cubit³
We hebben reeds eerder een gewicht vooropgesteld van 0,375 ton/cubit³,
het gewicht van de sokkel bedraagt:
1003,75 cubit³ x 0,375 ton/cubit³ = 376,4 ton.


(3) De 4 lagen granietbalken:
Elk van de 4 steenlagen nemen we op 17 bij 23 cubit met een gemiddelde dikte van 3,5 cubit,
Het volume per laag komt uit op (17 cubit x 23 cubit x 3,5 cubit) = 1.368.5 cubit³.
Het gewicht ervan komt dan neer op (1.368,5 cubit³ x 0,375 ton/cubit³) = 513,2 ton.
Hoe dan ook, voor de vier lagen komen we aan een gewicht van (4 x 513,2) = 2.052,8 ton.

Petrie schatte het gewicht van het plafond van de koningskamer op zo’n dikke 400 ton.
Het plafond bestaat uit 9 granietbalken, volgens Dr. Hawass is het gemiddeld gewicht van één zo’n balk ongeveer 52 ton.
Wij komen uit op 513,2 / 9 = 57 ton, het zit dus redelijk in de buurt met onze berekeningen.


(4) De 6 rijen granietblokken tussen de lagen:
Deze hebben een lengte van 23 cubit, een breedte van 3,5 cubit en een dikte van 2 cubit.
Iedere rij heeft een volume van (23 cubit x 3,5 cubit x 2 cubit) = 161 cubit³,
het gewicht ervan is (161 cubit³ x 0,375 ton/cubit³) = 60,375 ton.
Voor de 6 rijen samen komen we op een gewicht van (6 x 60,375 ton) = 362,25 ton.

Het totaalgewicht.
Het totaalgewicht is de som van het gewicht van de muren van de koningskamer (1),
de sokkel onder die muren (2) de vier lagen granietbalken erboven (3)
en de 6 rijen granietblokken (4) die ertussen zitten.


De vier delen samengeteld brengt ons op een totaalgewicht van:
(1.334,5 + 376,4 + 2.052,8 + 362,25 ) ton = 4.125,95 ton.

Home

Ter herinnering: De geschatte oppervlakte van de grote zuiger (koningskamer) is 401,5 cubit² (de basisoppervlakte van de sokkel) en de oppervlakte van de kleine zuiger is 41 cubit². Dit maakt dat de vermenigvuldigingsfactor gelijk is aan 9,79 (401,5 cubit² / 41 cubit²). De verplaatsing van de kleine zuiger was 75 cubit, voor de grote zuiger (koningskamer) komt dit dan op een theoretisch maximale verplaatsing van (75 cubit / 9,79) = 7,66 cubit. De druk van de kleine zuiger bedroeg 460 ton’, de opwaartse kracht op de grote zuiger zou dan (460 ton’ x 9,79) = 4.503,4 ton’ bedragen. Het berekende gewicht komt uit op 4.125,95 ton, er is dus nog een zekere reserve voor het overwinnen van de wrijvingskrachten. Niettegenstaande het een puur theoretische benadering is zou uit deze berekeningen toch moeten blijken dat een dergelijk hydraulisch systeem mogelijk is. 

 

Kenden de ontwerpers het exacte gewicht van de koningskamer? 
We moeten ons uiteraard de vraag stellen of de ontwerpers van de piramide wel in staat waren om het exacte gewicht van het geheel te bepalen, zeker voor de uiterst onregelmatige balken graniet boven de koningskamer is dit niet evident. Al kunnen we het betwijfelen dat ze het exacte gewicht kenden, toch denken we dat ze alleszins perfect wisten wat het volume ervan was. Niettegenstaande het geheel boven de koningskamer er uitziet als ruw afgewerkt en onbelangrijk is de realiteit echter net het omgekeerde. Door die ogenschijnlijk zeer willekeurige granietblokken wilden ze wellicht onze aandacht afleiden, uit niets mocht blijken dat deze omgeving zeer belangrijk was.

 

Opmerkelijke details aan de steenlagen.
Er zijn enkele details die toch wel opvallen, de vierde laag granietbalken boven de koningskamer is de belangrijkste omdat de bovenkant ervan op  gelijke hoogte moet gestaan hebben met de ingang naar de geheime kamers. Juist onder deze laag zitten de gebruikelijke granietblokken van de tussenlaag. Maar, niet toevallig zitten er nu juist onder die granietblokken ook nog kleinere stukken kalksteen (Petrie). Het moet waarschijnlijk de bedoeling geweest zijn om de granieten vloerbalken die er juist boven liggen min of meer uit te lijnen met de drempel van de geheime ingang.

Hoe onverzorgd het geheel er ook moge uitzien, toch moeten de draagvlakken van de granieten vloerbalken vlak zijn om een zekere stabiliteit aan het geheel te geven. De zichtbare delen echter, die de vloer van de tussenruimten vormen, zijn zeer ruw en onregelmatig en op het eerste zicht is er geen mens die de exacte inhoud van die granietbalken kan bepalen. Dit kan echter een slim afleidingsmanoeuvre geweest zijn van de ontwerpers.

 

Dubbele granietbalk
Twee granietbalken, zeer ruw gesplitst uit één dubbele.


Volgend theoretisch voorbeeld levert twee zeer onregelmatige granietbalken op waarvan het toch perfect mogelijk is om er de exacte inhoud van te bepalen. Van één “dubbele” granietbalk van bijvoorbeeld (17 x 7 x 3) cubit kan men exact de inhoud bepalen. Indien deze balk in de lengte zeer ruw wordt gekliefd in twee “halve” balken dan is het bijna onmogelijk om van elk van die balken apart de inhoud of het gewicht te bepalen, toch kent men de exacte inhoud van die twee “halve” balken samen.

Besluit: We denken voldoende te hebben aangetoond dat er in de grote piramide van Cheops een hydraulische pers kan zitten die de koningskamer naar omhoog heeft geduwd. Hierdoor schoven de steenlagen boven de koningskamer voor de ingang van de geheime kamers waardoor die totaal onzichtbaar werd. Hoewel het zeer moeilijk is het gewicht te bepalen van de koningskamer en de granietbalken erboven denken we toch dat deze (grove) benadering heeft aangetoond dat de opwaartse kracht toereikend was. We denken dat het vloerniveau van die geheime kamers op gelijke hoogte ligt met het middelpunt van de piramide, dit is op 106,92 cubit (56 meter) boven de basis.

Home

___________________________________________________________________

Verwijzingen bij hoofdstuk 30.

[1]Däniken, Erich von
         De ogen van de sfinx
         Luitingh-Sijthoff 2é druk 1990
         ISBN 90 218 0192 2

[2] - Hancock, Graham
        Het ontstaan en einde van alles
        Uitgeverij Tirion - Baarn - Nederland.
        ISBN 90 5121 600 9 – 1997 - vierde druk.

[3] - Edwards I.E.S –
        The Pyramids of Egypt, Penguin books, London 1949.
        De piramiden van Egypte (1947).       
        Uitgeverij Hollandia – Nederlandse vertaling
        Derde druk - 1985 - ISBN 90 6045 559 2

[4] - Website van Jon Bodsworth
        Jon’s eigen foto’s van de piramiden en omgeving.
        Foto’s uit het boek van John & Morton Edgar (1910).  
        Tekeningen uit de boeken van Charles Piazzi Smyth (1819 – 1900).
        http://www.egyptarchive.co.uk/index.htm

[5] - Petrie W.M. Flinders - The Pyramids and Temples of Gizeh - 1883.
       http://nl.wikipedia.org/wiki/William_Flinders_Petrie
       Dit boek kan online geraadpleegd worden op onderstaande link.
       http://www.ronaldbirdsall.com/gizeh/index.htm

[6] - Waseda University Tokyo Japan.
        Studies in Egyptian Culture N° 6
        Non-Destructive Pyramid Investigation
        by Electromagnetic Wave Method 1 - 1987.
        Studies in Egyptian Culture N° 8
        Non-Destructive Pyramid Investigation
        by Electromagnetic Wave Method 2 - 1988.
        Website:    http://www.waseda.jp/top/index-e.html

Home